ScheidinghypotheekPlan een gesprek

Fiscaal

Eigenwoningreserve bij scheiding: bijleenregeling uitgelegd

De eigenwoningreserve klinkt complex, maar de regel is begrijpelijk. Hier leest u wat de bijleenregeling betekent bij scheiding en hoe u hier mee omgaat.

Laatst bijgewerkt:

De eigenwoningreserve is een onderwerp dat fiscaal complex klinkt, maar de onderliggende regel is begrijpelijk. Hieronder leggen we hem rustig uit en bekijken we wat hij bij scheiding voor u betekent.

Wat is de eigenwoningreserve?

De eigenwoningreserve is een fiscaal saldo dat ontstaat zodra u uw eigen woning verkoopt met overwaarde. De Belastingdienst verlangt dat u deze overwaarde opnieuw inzet voor de aankoop van uw volgende eigen woning — anders verliest u renteaftrek over een evenredig deel van de nieuwe financiering. De regeling staat bekend als debijleenregeling.

Het achterliggende idee: de overheid wil voorkomen dat huiseigenaren met overwaarde opnieuw onbeperkt hypotheekrente kunnen aftrekken zonder eigen middelen in te zetten. De renteaftrek is daarmee gekoppeld aan de werkelijke financieringsbehoefte.

Hoe ontstaat de reserve bij scheiding?

Bij scheiding kan eigenwoningreserve op twee manieren ontstaan:

Bij verkoop van de woning

U verkoopt samen de woning. De overwaarde wordt verdeeld volgens uw eigendomsverhouding. Voor elk van u afzonderlijk ontstaat een eigenwoningreserve gelijk aan uw aandeel. Twee voorbeelden:

  • Bij verkoop met €120.000 overwaarde en 50/50-eigendom: elk €60.000 eigenwoningreserve.
  • Bij verkoop met €120.000 overwaarde en 70/30-eigendom: €84.000 voor de hoofdpartij, €36.000 voor de andere.

Bij uitkoop

Wanneer een van u beiden de woning behoudt en de ander uitkoopt, geldt voor de vertrekkende partner: diens deel van de overwaarde wordt eigenwoningreserve. Voor de blijvende partner zijn er in principe geen reserve-gevolgen, omdat die het woningbezit niet beëindigt — wel kunnen er fiscale aandachtspunten zijn rond de bijgeleende uitkoopsom.

Wat gebeurt er als u een nieuwe woning koopt?

De eigenwoningreserve is drie jaar geldig. Koopt u binnen die periode een nieuwe eigen woning, dan moet u de reserve verplicht inzetten als eigen geld bij de aankoop. Doet u dat niet, dan verliest u over een evenredig deel van de nieuwe hypotheek het recht op renteaftrek.

Een voorbeeld. U verkoopt uw oude woning met €80.000 overwaarde (uw aandeel). U koopt een nieuwe woning van €350.000 met een hypotheek van €350.000 (zonder eigen geld in te brengen). Fiscaal wordt gezegd: u had €80.000 als eigenwoningreserve. Daarvan is uw aftrekbare eigenwoningschuld dus maximaal €350.000 − €80.000 = €270.000. Over de overige €80.000 hypotheek is de rente niet aftrekbaar.

Wanneer vervalt de reserve?

De eigenwoningreserve vervalt in twee situaties:

  • Na drie jaar zonder dat u een nieuwe eigen woning hebt aangekocht. Daarna mag u opnieuw een hypotheek aangaan zonder dat de reserve nog meetelt.
  • Bij aankoop van een nieuwe woning waarbij u de reserve volledig inzet. Het saldo wordt dan teruggebracht naar nul.

Voor wie tijdelijk huurt na scheiding en pas later weer wil kopen: drie jaar is relatief kort. Houd dit in gedachten bij uw planning.

Aandachtspunten bij verdeling

Drie zaken om bij de verdeling expliciet vast te leggen:

De eigenwoningreserve per partner

Maak in het convenant of de akte van verdeling zichtbaar welk deel van de overwaarde aan ieder van u toekomt. Dit voorkomt latere discussie over fiscale aanspraken bij de Belastingdienst.

Bestaande eigenwoningreserve vóór scheiding

Had u of uw partner al een eigenwoningreserve voor het huwelijk of de samenwoning, uit een eerder verkocht huis? Dan kan die nog meespelen — en bij beperkte gemeenschap blijft deze in principe privé.

De uitkoopsom en de bijleenregeling

Bij uitkoop is er een fiscale subtiliteit: het deel dat u bijleent om uw ex-partner uit te kopen, kan kwalificeren als financiering van de aankoop van diens aandeel. Hierdoor blijft renteaftrek mogelijk, mits aan de voorwaarden wordt voldaan. Dit moet expliciet zo worden behandeld in de aangifte.

De relatie met de eigenwoningregeling

De eigenwoningreserve is onderdeel van de bredere eigenwoningregeling van de Belastingdienst. Die regeling bepaalt onder andere:

  • Welke schulden gelden als eigenwoningschuld (waarover renteaftrek mogelijk is).
  • Het verplichte aflossingsschema voor hypotheken aangegaan na 2013 (in maximaal 30 jaar annuïtair of lineair aflossen).
  • De zogenoemde scheidingsregeling: een overgangsperiode van twee jaar waarin de woning fiscaal nog kan worden behandeld als eigen woning, ook voor de vertrekkende partner.

Deze regelingen werken op elkaar in. Wijzigingen in één daarvan hebben vaak gevolgen voor de andere. Daarom is het verstandig om bij scheiding fiscaal en hypothecair advies in samenhang in te winnen.

Praktisch: hoe controleert de Belastingdienst dit?

De Belastingdienst kent uw eigenwoningreserve niet automatisch — u moet hem zelf aangeven en bijhouden. Dit gebeurt in uw aangifte inkomstenbelasting op het moment dat u een eigen woning verkoopt of verdeelt. Bij aankoop van een nieuwe woning neemt u uw reserve op in de aangifte van dat jaar.

Bewaar de stukken: de akte van verdeling, de verkoopopbrengst, de hypotheekafrekening. Bij controle is de Belastingdienst streng over de onderbouwing van wat u opgeeft.

Veelgestelde vragen

De vragen die wij vaak krijgen rond de eigenwoningreserve bij scheiding.

Wat is een eigenwoningreserve?

De eigenwoningreserve is een fiscaal saldo dat ontstaat als u een eigen woning verkoopt met overwaarde. Bij aankoop van een volgende eigen woning moet u deze reserve opnieuw inzetten — anders verliest u recht op renteaftrek over dat deel van de financiering. De regel staat bekend als de bijleenregeling.

Wanneer ontstaat eigenwoningreserve bij scheiding?

Wanneer een eigen woning wordt verkocht met overwaarde, of bij verdeling waarbij overwaarde aan een van beide partners toekomt. Beide partners krijgen ieder hun deel van de reserve, conform de verdeelsleutel.

Wat als ik de overwaarde niet direct in een nieuwe woning steek?

De eigenwoningreserve blijft drie jaar geldig. Koopt u binnen die periode een nieuwe eigen woning, dan moet u de reserve inzetten als eigen geld. Doet u dat niet, dan vervalt het reserve-bedrag fiscaal: u verliest renteaftrek over een evenredig deel van uw nieuwe hypotheek.

Hoe wordt de reserve verdeeld tussen ex-partners?

Volgens de verdeelsleutel van de woning. Bij 50/50-eigendom krijgt elk de helft van de overwaarde, en dus de helft van de eigenwoningreserve. Bij ongelijke eigendom volgt de reserve diezelfde verhouding.

Speelt de eigenwoningreserve ook bij uitkopen?

Bij uitkopen wordt vaak alleen het aandeel van de vertrekkende partner als 'verkoop' beschouwd voor de bijleenregeling. Diens deel van de overwaarde wordt eigenwoningreserve. Voor de blijver geldt de regeling alleen in beperkte mate. De exacte uitwerking vraagt fiscale begeleiding.

Wat als er een restschuld is in plaats van overwaarde?

Dan ontstaat geen eigenwoningreserve. Bij scheiding met restschuld is er fiscaal soms wel ruimte voor renteaftrek over de restschuldlening — onder voorwaarden. Voor restschulden ontstaan tussen 2013 en 2018 gold dit voor maximaal vijftien jaar; voor nieuwere situaties gelden andere regels.

Onafhankelijk advies

Wilt u uw fiscale positie helder krijgen?

De eigenwoningreserve en de bijleenregeling werken samen op manieren die per situatie verschillen. Een adviseur brengt het voor uw geval helder in kaart.

Plan een vrijblijvend gesprek

Vertrouwelijk · Vrijblijvend · Reactie binnen 24 uur