Scheiding en eigen woning raken meerdere fiscale regelingen tegelijk. Wie welke aftrek mag claimen, hoe lang, op welk deel van de woning — het vraagt aandacht. Op deze pagina brengen we de belangrijkste regelingen samen in één overzicht.
De eigenwoningregeling
De eigen woning valt in Nederland in Box 1 (inkomen uit werk en woning). Dat betekent dat u over de woning belasting betaalt én dat u rente kunt aftrekken. Twee elementen spelen een rol:
- Eigenwoningforfait: een fictieve baat die u als inkomen op moet geven. Het percentage is afhankelijk van de WOZ-waarde van de woning (doorgaans 0,35% voor woningen tot een bepaald bedrag, raadpleeg de Belastingdienst voor actuele tarieven).
- Hypotheekrenteaftrek: u trekt de betaalde rente over de eigenwoningschuld af. Per saldo levert dat in de meeste gevallen een fiscaal voordeel op.
De scheidingsregeling
De scheidingsregeling is een tijdelijke overgangsregel van de Belastingdienst voor de partner die de woning verlaat. De kern:
De woning mag fiscaal nog maximaal twee jaar als eigen woning worden behandeld voor de vertrekkende partner, ook al woont die er niet meer.
Gedurende die twee jaar kan de vertrekkende partner zijn of haar aandeel van de rente nog aftrekken, én betaalt hij of zij eigenwoningforfait over het eigen aandeel. Per saldo is dat meestal voordelig als de rente hoog is en het forfait laag.
Voorwaarden voor de scheidingsregeling:
- De woning was vóór de scheiding de hoofdverblijfplaats van beide partners.
- De scheidingsregeling geldt gedurende het jaar van scheiding plus de twee daaropvolgende jaren.
- De achtergebleven partner moet er daadwerkelijk in blijven wonen als hoofdverblijfplaats.
- De vertrekkende partner mag de rente alleen aftrekken over het eigen aandeel in de hypotheek.
Let op: na twee jaar vervalt de scheidingsregeling. Dan is er geen renteaftrek meer voor de vertrekkende partner, ook als de woning nog niet officieel is verdeeld.
Wilt u weten hoeveel u fiscaal kunt aftrekken dit jaar en de komende jaren? Een adviseur rekent de scheidingsregeling precies voor uw situatie door.
Plan een vrijblijvend gesprekHypotheekrenteaftrek: wat mag, hoelang en voor wie?
Renteaftrek voor hypotheken is in Nederland alleen nog mogelijk voor de eigenwoningschuld, vastgelegd na 2013, bij een annuïtaire of lineaire aflossing in maximaal 30 jaar. Oudere hypotheken hadden andere regimes (spaarhypotheek, aflossingsvrij) met eigen overgangsrechten.
Bij scheiding:
- De blijvende partner behoudt renteaftrek zolang hij of zij aan de eigenwoningregeling voldoet — dus eigenaar is en er woont.
- De vertrekkende partner heeft renteaftrek gedurende de scheidingsregeling (maximaal twee jaar) en daarna niet meer.
- Bij uitkoop en bijlening voor de uitkoopsom: de bijgeleende som is in beginsel aftrekbaar als eigenwoningschuld, mits het direct dient voor de verkrijging van het eigendomsaandeel. De fiscus is hier precies over; laat de aangifte opstellen met begeleiding.
Eigenwoningreserve en bijleenregeling
Bij verkoop van de woning met overwaarde ontstaat een eigenwoningreserve. Die reserve moet worden ingezet bij de volgende eigen woning, anders verliest u renteaftrek over dat bedrag. De reserve is drie jaar geldig.
Dit is uitgebreid beschreven in ons artikel over de eigenwoningreserve bij scheiding.
Alimentatie en de belasting
Alimentatie heeft directe fiscale gevolgen:
- Partneralimentatie: aftrekbaar als persoonsgebonden aftrek in Box 1 voor de betaler; belastbaar inkomen voor de ontvanger.
- Kinderalimentatie: fiscaal neutraal — niet aftrekbaar, niet belast.
Let op dat beide bedragen apart en herkenbaar staan in uw convenant. Eén gecombineerd bedrag leidt bij de Belastingdienst tot problemen en kan leiden tot hogere belasting.
Toeslagen na scheiding
Toeslagen worden berekend op uw individueel toetsingsinkomen. Na scheiding verandert uw situatie op meerdere vlakken:
- Zorgtoeslag: uw inkomen en huishoudsamenstelling bepalen de hoogte. Scheidingsinkomen kan lager of hoger zijn dan in het huwelijk.
- Kindgebonden budget: u kunt als co-ouder recht hebben op dit budget, afhankelijk van inkomen en co-ouderverdeling.
- Huurtoeslag: als u na scheiding tijdelijk huurt, heeft u mogelijk recht op huurtoeslag bij voldoende laag inkomen.
Geef wijzigingen tijdig door aan de Belastingdienst via Mijn Toeslagen. Te late doorgave kan leiden tot terugvordering van teveel ontvangen toeslag.
Fiscaal partnerschap
U bent fiscaal partner tot het moment waarop u niet meer beiden ingeschreven staat op hetzelfde adres, of tot het moment van het verzoekschrift tot echtscheiding — afhankelijk van de situatie. Het einde van fiscaal partnerschap heeft gevolgen voor de verdeling van aftrekposten en de heffingskortingen.
In het scheidingsjaar mogen partners in bepaalde gevallen kiezen of zij voor het hele jaar als fiscaal partners worden behandeld. Die keuze heeft soms een aanzienlijk effect op de belastingdruk. Bespreek dit met een belastingadviseur vóór u de aangifte indient.
Wat te doen: een fiscale checklist
- Stel de scheidingsdatum vast en houd de twee jaar scheidingsregeling bij voor de vertrekkende partner.
- Leg alimentatiebedragen apart en schriftelijk vast in het convenant.
- Bepaal de eigenwoningreserve voor elk van u bij verkoop of uitkoop.
- Controleer of fiscaal partnerschap al is beëindigd voor de aangifte.
- Geef wijzigingen in inkomen en huishouden direct door aan de Belastingdienst.
- Raadpleeg bij twijfel een belastingadviseur voor de aangifte van het scheidingsjaar — dit is het jaar met de meeste fiscale complexiteit.